|
Een niet te onderschatten gezondheidsprobleem :
Vandaag is voedselallergie de vierde ziekte in volgorde van belangrijkheid op het palmares van de wereldgezondheidsorganisatie. Vooral in de geïndustrialiseerde landen maakt voedselallergie sterk opgang.
Zo stellen we bijvoorbeeld vast dat voedselallergie bij kinderen in de westerse bevolking een prevalentie heeft van 8 procent of tweemaal meer dan bij volwassenen. De laatste 5 jaar stellen we een verdubbeling vast : ook ernstige klinische manifestaties stijgen fors (bijna 10% van de getroffen kinderen).
|
|
8
|
Voedselallergenen zijn eiwitten, hetzij van dierlijke oorsprong (eiwit), hetzij van plantaardige oorsprong (aardnoot). Eén van de hypothesen die deze explosie zou kunnen verklaren is de « hygiënistische theorie ». Er bestaat zoiets als een balans tussen de immunitaire reacties op bacteriën en virussen enerzijds en reacties op de aanwezigheid van allergenen in contact met onze slijmvliezen (neus, longen, maagdarmkanaal...) anderzijds.
Sinds meer dan vijftig jaar beleven we een drastische vermindering van de infectueuze druk dankzij een betere hygiëne, vaccinaties die de mortaliteit en morbiditeit bij kinderen hebben omgekeerd, antibiotica die sinds 1945 beschikbaar zijn in omstandigheden die het leven van mensen in gevaar brengen.
|
Parallel met de terugval van infecties, treden allergieën steeds sterker op het voorplan. Bij een keizersnede wordt de kolonisatie van het maagdarmkanaal van het kind door bacteriën sterk uitgesteld omdat de baby niet langs de normale genitale weg passeert. Bij de bevalling wordt de baby snel blootgesteld aan de micro-organismen van zijn moeder en de onmiddellijke omgeving. De overdracht van bacteriën van de vaginale en fecale flora van de moeder werd duidelijk aangetoond. Maar niet alle bacteriën nestelen zich met hetzelfde gemak. Factoren die de preferentiële nesteling van bepaalde kiemen verklaren zijn niet gekend. Op de leeftijd van twee jaar wordt een identieke flora als bij de volwassene bereikt.
Ook de plaats onder de broertjes en zusjes is belangrijk, want het eerste kind heeft niet hetzelfde risico als de latere broertjes en zusjes om te worden blootgesteld aan microben die in het gezin worden binnengebracht.
|
|
|
Vijf voedingswaren vertegenwoordigen 85% van de voedselallergieën bij kinderen (eieren, pindanoten, melk, vis, hazelnoten) en een klein aantal patiënten zijn allergisch voor meer dan één of twee allergenen. Een werk van de CICBAA (Cercle d’investigations cliniques et biologiques en allergologie alimentaire) toont aan dat 42% van de kinderen van minder dan 1 jaar en jaar lijden aan een meervoudige voedselintolerantie (studie bij 166 kinderen). De klinische tabel van de meervoudige voedselallergieën is gekenmerkt door ernstig eczeem, die vroegtijdiger begint dan wanneer de allergie slechts betrekking heeft op één eiwit.
Wat de diagnose van de klinische allergie betreft, kunnen alleen dubbelblinde testen van orale provocatie (noch de arts, noch de patiënt weten of de patiënt een placebo dan wel een actief voedselbestanddeel ontvangt) uitsluitsel bieden. De enkelblinde techniek is aanvaardbaar bij jonge kinderen. Bloed- en huidtesten geven een goed idee van de allergene sensibilisering het feit dat een individu antistoffen aanmaakt tegen een bepaald voedselbestanddeel), maar laten niet toe de klinische reactie bij contact te voorspellen en zijn dus onvoldoende voor een diagnose.
Patiënten met een allergie voor berkenstuifmeel lijden vaak aan onmiddellijke symptomen na het eten van fruit en groenten (hazelnoten, selder, appels en wortelen) met gekruiste reactiviteit met deze pollen. Allergie voor aardnoten is gekenmerkt door vaak ernstige symptomen met een langdurige evolutie.
De spontane genezing van de voedselallergie gaat gepaard met vele jaren aanwezigheid van meetbare specifieke antistoffen. In de meeste gevallen verdwijnt de voedselallergie (koemelk, soja) snel door een slecht begrepen mechanisme van tolerantie-inductie. Voor bepaalde allergenen is de klinische intolerantie hardnekkig en duurzaam. Vooruitgang in het begrip van de oorzaken voor kippeneieren.
Sommige kinderen vertonen ernstige tekenen (anafylactische shock) met larynxoedeem en bloeddrukdaling die kunnen leiden tot het overlijden bij het minste contact met het voedselbestanddeel, soms in minimale hoeveelheden. Deze kinderen moeten snel een adrenaline-injectie krijgen en een programma voor preventie in de familie, de schoolomgeving of andere kringen is noodzakelijk.
Voedingsmiddelen van dezelfde eiwitfamilie als het schuldige voedingsmiddel moeten eveneens worden getest. In het U.K.Z.K.F werd een eenheid opgericht voor voedselanafylaxie en ernstige eczeem : deze staat in voor de multidisciplinaire behandeling (artsen, verpleegkundigen, psycholoog, voedingsdeskundige) van deze gevallen en ze bestudeert in samenwerking met de laboratoria van Prof. Goldman in Erasmus en Duchâteau in Brugmann, de diagnosetesten en de nieuwe therapeutische mogelijkheden. Dit werk kadert in en wordt ondersteund door de pool voeding van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Deelnemende partijen zijn de ULB, het COOVI, het Erasmus ziekenhuis en het U.K.Z.K.F.
| (Com. S. Mulier, L. Hanssens, G. Casimir) |
 |
Onderzoek boekt vooruitgang

Vooruitgang in het begrip van de oorzaken.
|
|
|
Eén van onze beursonderzoekers, Dr Fabienne Heldenberg, die werkt in het laboratorium van Prof. J. Duchâteau, draagt bij tot de opheldering van wat tot voor kort nog een mysterie was: hoe komt het dat tegenover een reeks ontstekings- of infectieaandoeningen jongens en meisjes een verschillend risico vertonen ?
Jongens met mucoviscidose bieden beter weerstand dan meisjes, ze lijden minder vaak en minder intens aan astma, minder vaak aan autoimmuun-ziekten en reageren beter op chronische ontstekingsziekten.
Meisjes reageren dan weer beter op ernstige brandwonden of op een bloedvergiftiging en vertonen een grotere overlevingskans na hartoperaties.
|
Op het eerste gezicht een paradoxale situatie : meisjes, die kwetsbaarder zijn voor chronische ziekten, hebben een duidelijk pronostiek voordeel bij de meeste ernstige pathologische situaties die individuen treffen die initieel in goede gezondheid waren, en dit vanaf de kindertijd. Een gemeenschappelijk element voor veel pathologieën is het ontstekingsproces dat ze op gang brengen. Wanneer ze zich voordoen bij gezonde individuen, doet het vrouwelijk geslacht het beter, terwijl ze het veel moeilijker hebben met chronische ontstekingen.
Het lijkt alsof de ontstekingsdynamiek groter is bij de vrouw, wat nuttig is bij het individu dat bruusk wordt blootgesteld aan een aanval, maar nadelig in het geval van een hardnekkige chronische ontsteking.
Hoe is dat te verklaren ? Natuurlijk wordt aan de hormonen gedacht, maar de verschillen zijn reeds waarneembaar vóór de puberteit, op een moment dat het hormonenpeil lager is. Dat is precies het onderwerp van het onderzoekswerk van Dr Heldenberg op basis van werken van het team van Prof. Georges Casimir : een retrospectieve studie van een groot aantal patiënten van de twee seksen vóór de puberteit in acute pathologische situaties.
Naast de steeds essentiële klinische observatie, zal de onderzoeker kijken naar de klassieke ontstekingsparameters, maar ook naar de hormonale receptoren van bepaalde gespecialiseerde cellen die een rol spelen in het ontstekingsproces.
Een betere kennis van deze mechanismen kan bijdragen tot de ontwikkeling van de nieuwe behandelingen.


Meningitis kan veroorzaakt worden door tal van infectiekiemen (virussen, bacteriën, parasieten). Meningitis is een ontsteking van het weke vlies dat de hersenen omhult. Een ontsteking van het hersenvlies kan leiden tot een verhoogde druk in de schedel, die na het dichtgroeien van de fontanellen en de beennaden niet meer kan uitzetten. De daardoor verstoorde bloedtoevoer in de hersenen kan grote delen van het orgaan onherstelbare schade toebrengen.
Onder de bestaande vaccins voorkomen sommigen sinds lang aandoeningen van het hersenvlies en het hersenweefsel, zoals het vaccin tegen mazelen of dikoor, die in ongeveer één geval op duizend een neurologische aandoening kunnen veroorzaken. Andere vaccins beschermen vrij selectief tegen de aanvallen op het hersenvlies door de Haemophilus Influenzae, een vervaarlijke bacterie die verantwoordelijk is voor sepsis (bloedvergiftiging doordat de bacterie in het bloed doordringt), meningitis en epiglottitis (infectie van het strotklepje, waardoor het kind snel kan verstikken).
Sinds dit vaccin bij onze kinderen in drie dosissen wordt toegediend tijdens de eerste levensmaanden is het aantal ernstige infectievormen drastisch afgenomen.
Recenter werd via een grootschalige campagne het vaccin tegen meningokokken aanbevolen. Deze bacterie veroorzaakt bloedvergiftigingen met een snelle en vaak dodelijke shock tot gevolg, met meningitis (of een geïsoleerde meningitis). Er bestaan meerdere groepen van deze bacterie. De B-groep was vroeger vrijwel de enige verantwoordelijke voor de ziekte en er bestond geen enkel vaccin. De laatste jaren zien we een toename van het aantal infecties ingevolge de C-groep (tot 50 procent van de gevallen in 2001) waartegen wel een vaccin bestaat. Dat verklaart waarom dit vaccin werd aanbevolen, ook bij adolescenten die eveneens een risicopopulatie vormen. Vaccinatie tegen de C-groep verminderde reeds het aantal gevallen (van 179 in 2001 tot 89 in 2002 en het aantal overlijdens van 27 tot 15), maar zoals geweten vormt ze geen bescherming tegen de B-groep en vermindert ze dus geenszins het risico op een B-meningokokkeninfectie.
Meningitis door pneumokokken tot slot wordt eveneens in belangrijke mate voorkomen met een vaccin (dat evenwel niet alle bestaande groepen dekt). Het vaccin is in het bijzonder aanbevolen bij risico-individuen, zoals kinderen of volwassenen die hun milt verloren na een ongeval of een bloedziekte. Ook individuen met een immuundeficit kunnen in bepaalde omstandigheden gevaccineerd worden. We stellen dus vast dat het aanbod van vaccins waarover we beschikken voortdurend uitbreidt, wat bijdraagt tot een verhoging van onze levensverwachting en het behoud van onze levenskwaliteit.

Een wonderbaarlijke techniek :
de binnenoorprothese*
Wereldwijd worden vier kinderen op duizend geboren met een ernstige of volledige doofheid. Een twintigtal jaar terug waren gebaren de enige vorm van communicatie en zich integreren in de horende samenleving was een schier onmogelijke opdracht.
«Vandaag kunnen we ons niet meer voorstellen wat die kinderen moesten doorstaan. Ze moesten eindeloze logopediesessies volgen in de hoop dat ze een min of meer begrijpbaar spraakvermogen zouden ontwikkelen,» aldus Dr Anne-Laure Mansbach, hoofd van de NKOkliniek van het U.K.Z.K.F., specialist in doofheid bij kinderen.
In België treft dit probleem ongeveer 500 gezinnen. Zij zagen hun kind geboren worden met een ernstige en definitieve slechthorendheid. Voor hen is deplaatsing van een binnenoorprothese een echt mirakel. Het gaat om een minuscuul elektronisch systeem dat ontwikkeld werd door multidisciplinaireteams gespecialiseerd in de revalidatie van het gehoor. Het biedt de mogelijkheid om de beschadigde haarcellen (oorzaak van doofheid) in het inwendige oor te omzeilen en een stimulus rechtstreeks te versturen naar de gehoorzenuw die deze doorstuurt naar de hersenen.
Vroegtijdige opsporing
«Hoe jonger het kind, hoe doeltreffender de binnenoorprothese. Vandaar het belang van een vroegtijdige interventie vanaf de leeftijd van 2 jaar», zo vertelt mevrouw Mansbach, die sinds verscheidene jaren vurig pleit voor de organisatie van een systematische neonatale opsporing van doofheid. «Indien het auditief deficit niet vroegtijdig wordt gediagnosticeerd,» zo legt ze uit «is het moeilijk of in de meeste gevallen zelfs onmogelijk om de spraak, de communicatie en de kennis te vergaren voor een normale psychosociale ontwikkeling die uitmondt in een vlotte integratie in de «horende» samenleving. Er bestaat immers een kritieke periode van plasticiteit van het auditief zenuwstelsel die loopt tot de leeftijd van ongeveer 3 jaar. Het is dan ook essentieel dat het kind tijdens deze periode een voldoende auditieve impregnatie krijgt om de basis te leggen voor het spraakvermogen. Er is bijzondere waakzaamheid vereist, temeer daar een kind met een ernstig gehoorprobleem tot 9 maanden een vocaal gedrag kan vertonen dat gelijkt op dat van een horend kind. Een opsporing die zich beperkt tot jonggeborenen met verhoogd risico staat gelijk aan de niet-diagnose van ongeveer 50% van de gevallen van doofheid !»
De bedoeling moet dus zijn dat het slechthorende kind wordt geholpen ten laatste op de leeftijd van 6 maanden. De haalbaarheid van een systematische opsporing in de materniteit werd aangetoond door verscheidene studies, waaronder een zeer recente in drie Brusselse kraamklinieken gedurende 2 jaar. In het kader van deze studie werden 4.080 in 2002 geboren kinderen getest. 4060 koppels werden gerustgesteld over het gehoor van hun baby. Veertien baby’s werden gediagnosticeerd als lijdend aan een tijdelijk gehoorprobleem dat gevolgd werd tot de oplossing ervan.
Zes baby’s vertoonden een definitievedoofheid. Voor drie onder hen ging het om een ernstige of volledige bilaterale doofheid. Ze werden snel behandeld. Eén van hen werd niet geholpen met de klassieke apparatuur. Hij kreeg op 1 jaar een binnenoorprothese en spreekt op 18 maanden zijn eerste woordjes, net als een horend kind.
De kostprijs voor opsporing is niet hoog : 11 euro per onderzochte baby. Dat is slechts een fractie van de kostprijs voor de behandeling van een laattijdig gediagnosticeerd kind, een behandeling die gewoonlijk toch niet leidt tot de verhoopte maatschappelijke en professionele integratie in de horende wereld.
Maar in België zijn de dingen nooit eenvoudig. De situatie verschilt erg tussen Vlaanderen en de rest van het land ! In Vlaanderen bestaat de opsporing van doofheid sinds 1998. In Wallonië en Brussel zijn alle verzoeken tot terugbetaling van deze testen dode letter gebleven, terwijl de meeste kraamklinieken, de NKO-departementen en het Kind en Gezin daarop aandringen.
Sinds 2 jaar dienden artsen uit verschillende ziekenhuisnetten bij de bevoegde ministers dringende verzoeken in om hen de middelen ter beschikking te stellen om de internationale wetenschappelijke aanbevelingen in de praktijk te kunnen brengen. De herhaalde aanvragen blijven tot vandaag zonder gevolg... Er zou een budget van 600.000 euro per jaar moeten worden vrijgemaakt.
Om schot in de zaak te brengen zouden we kunnen voorstellen dat de met volksgezondheid belaste politici de kleine Gautier uitnodigen in hun kabinet om met hem van gedachten te wisselen. Ik ben ervan overtuigd dat ze na dit gesprek prompt hun handtekening zullen zetten onder een besluit dat de officiële terugbetaling van de opsporing van doofheid toestaat. Gautier is een jongen van elf die volledig doof werd geboren. Op zijn 4de kreeg hij een implantaat en vandaag is hij met 93% op zijn rapport een schitterende leerling in de 6de klas van een gewone gemeenteschool !
Jacqueline Simon
| * (in het binnenoor bevindt zich het slakkenhuis (cochlea) dat in verbinding staat met de gehoorzenuw) |
 |
|
Een hartverwarmende reactie
|
|
Nadat in november ongewenste bezoekers het speelgoed en de eindejaarsaankopen meenamen door de kasten te forceren waarin alles opgeborgen lag, kwam een golf van solidariteit op gang en stroomden talloze steunbetuigingen toe in het ziekenhuis. Deze gebaren van sympathie kwamen zowel vanuit Nederlandstalige als Franstalige kringen en zelfs van buiten de landsgrenzen.
|
|
|
|
Er kwam enorm veel nieuw en tweedehands speelgoed toe in het ziekenhuis. Dat werd opgeborgen in een reserve (goed beveiligd). Zo kunnen we opnieuw voldoen aan de behoeften van de verschillende diensten voor gehospitaliseerde kinderen en voor kinderen op consultatie.
|
|
Deze opmerkelijke gulheid was hartverwarmend en verzachte enigszins de schok die veroorzaakt werd door deze verwerpelijke diefstal in het ziekenhuis.
|
U bent geweldig
|
|
Dankzij u komen we dichter bij ons doel dat erin bestaat geld te vinden om het pediatrisch onderzoek vooruit te helpen en zo het dagelijks leven van zieke kinderen te verbeteren.
Ere wie ere toekomt... Dank aan Arnaud van Doosselaere, een bekende persoonlijkheid in de Brusselse financiële milieus : hij engageerde zich onlangs om persoonlijk een beurs van 25.000 euro te financieren ten behoeve van het Pediatrisch Onderzoek. Deze beurs zal de naam van zijn dochter Marie dragen. Wij zijn hem oneindig dankbaar voor dit fantastische gebaar.
Dank aan de heren Marc-Antoine Sauvage en Evrard de Villenfagne (Firma Cré-Action) die een wedstrijd tir aux clays organiseerden gevolgd door een tombola waarvan de opbrengst werd gebruikt voor de inrichting van de kamers van gehospitaliseerde kinderen. Resultaat : bijna 5.000 euro voor grappige gordijnen aan de vensters en tussen de bedden van de kinderen.
Dank aan Land Rover en in het bijzonder aan de heren Louini en Robbrecht die tijdens de gala-avond van het autosalon in Januari de champagne verkochten ten voordele van onze Vereniging. De sprankelende belletjes brachten 2.600 euro op !
Dank aan "Bruxelles-Animations" en in het bijzonder aan Baudouin Goemaere en Isabelle Humblet die de 4 kinezalen uitrustten met psycho-
|
motorisch materiaal ter waarde van 2.250 euro.
Dank aan iedereen die de Kerstmarkt van December in het ziekenhuis organiseerde, bevoorraadde of bezocht. Dankzij de inbreng van elk van u verzamelde Françoise Timmermans kinderwagens, relaxstoeltjes, luiertafels en alles wat nodig is voor het onthaal en het verblijf van gehospitaliseerde kinderen. Met daarbovenop 350 euro.
Dank aan de gezonde kinderen die een bezoekje brachten met een geschenkje voor de zieke kinderen. Bijzondere vermelding voor Marie-Mona (10 jaar) die met de 50 euro die ze had gekregen voor ‘haar’ Kerstmis 2 relaxstoeltjes kocht voor gehospitaliseerde baby’s. Het U.K.Z.K.F. is voor haar geen onbekende wereld. Ze verbleef er op de afdeling intensieve verzorging van de ernstige prematuren toen ze 800 gram woog!
Tot slot een woordje van dank aan de Gidsen van de 13ième Compagnie St. François d'Assise die elk jaar hun goede daad komen doen door op te ruimen, speelgoed te sorteren, te tuinieren en een handje toe te steken in de speelzalen en bij de verkoop op de Kerstmarkt. Uit naam van alle supermoedige kinderen die - altijd te lang naar hun zin - verblijven in het ziekenhuis... honderdduizendmaal Dank !
|
|
|